Jan Bekke: "Wij stemmen als WG met veel tegenzin in bij plan Rozenhof."

Jan Bekke: "Wij stemmen als WG met veel tegenzin in bij plan Rozenhof."

 
Ruimtelijke Ordening kent vele kanten. Als gemeenteraad dienen wij alle belangen tegen elkaar af te wegen op basis van wettelijke uitgangspunten en jurisprudentie van hogere goedkeurende instanties. Dat onze besluiten lang niet altijd ieders instemming heeft mag helder zijn. Bij de zijingang van deze raadzaal hangt een spreuk in oud Nederlands die daarop wijst. Vertaald in het hedendaagse Nederlands: “Zeg mij, wie kan het zo maken dat iedereen tevreden is!” Nu wij vanavond moeten beslissen over de vaststelling van het bestemmingsplan Prins Bernhardstraat 2 wordt dit op een pijnlijke manier duidelijk. Een bestemmingsplan waar omwonenden, maar wij ook als Raad, moeite mee hebben. Een bestemmingsplan met een moeizame start, een langdurig ontwikkelingsproces met uiteindelijk een plan dat ….. hoe zullen we het zeggen ….. aan vele kanten rammelt.
 
In het politiek forum heb ik al verwoord dat het plan voldoet aan de formele wettelijke vereisten maar dat onze zorgen blijven rond de daadwerkelijke realisering van het beoogde zorgcomplex. Zorgen die ook bij de buurtbewoners leven en die zij de afgelopen weken met alle fracties van de raad hebben gedeeld. Zowel mondeling in een gesprek met de fracties als in een uitgebreide brief van 21 september j.l. De bezwaren vanuit de buurt, eerder geuit bij de ingediende zienswijzen, zijn nogmaals onder onze aandacht gebracht. Naar ons oordeel zijn deze bezwaren op een juiste wijze door het college weerlegd. Wij kunnen dan ook niet anders dan het college voorstel steunen om over te gaan tot vaststelling van dit bestemmingsplan.
 
Blijft wel dat wij op een tweetal zaken met een enorm onbehagelijk gevoel blijven zitten.
 
Meermalen hebben wij er bij aanvraagster Mw. Verdonkschot op aangedrongen om tijdig met de buurt in overleg te gaan om draagvlek voor dit plan te krijgen. Dat onze oproepen nauwelijks gehoor hebben gekregen betreuren wij ten zeerste. Het voelt als minachting van de wensen van buurt en gemeenteraad. Het uiteindelijk contact tussen Mw. Verdonkschot en de buurtbewoners is zeer minimaal geweest. Echter, minimaal is juridisch gezien helaas voldoende en dat dit mag niet leiden tot een afwijzing van dit plan. Deze conclusie is gebaseerd op de vaste jurisprudentie. De fractie van de WG hoopt evenwel dat bij het oordeel van de Raad van State over dit plan deze jurisprudentie nader zal worden uitgewerkt en verfijnd. 100 % draagvlak creëren is geen wettelijke verplichting en dat hoeft ook niet, maar een minimale inspanning plegen, zoals hier is gebeurt, mag ook geen optie zijn.
 
Ook de nadere externe studie over de economische financiële uitvoerbaarheid baart ons grote zorgen. In het politiek forum hebben wij dit reeds verwoord.
De slotconclusie op pagina 25 van dit rapport is helder en duidelijk. Als je goed tussen de regels door leest heeft het onderzoeksbureau grote, lees hele grote twijfels, bij de financiële realiseringskansen van het beoogde complex en grote twijfels bij een financieel gezonde exploitatie. Echter, ook hier kunnen wij, gelet op de vaste jurisprudentie, niets mee.
 
Wij als raad zijn met handen en voeten gebonden aan uitspraken van hogere rechtscolleges. De conclusies van Juffer Vastgoed bevatten echter voldoende aanknopingspunten voor een nieuwe en aanvullende rechtelijke toetsing. Wij zien een dergelijke toetsing dan ook met meer dan normale belangstelling tegemoet.
 
In het PF hebben we reeds gevraagd naar mogelijke gevolgen bij het uiteindelijk niet kunnen exploiteren van het gerealiseerde complex van 47 zorgwoningen. De portefeuillehouder verklaarde dat de formele bestemming, i.c. 47 zorgwoningen, uitgangspunt blijft. Is dit inderdaad hard te maken en formeel af te dwingen.
Graag hierop een reactie!
 
MdV
 
Het met veel tegenzin moeten vaststellen van dit bestemmingsplan is een volgende stap in een lang proces. Een proces dat niet de schoonheidsprijs verdient. Een proces dat voor ons als raad vele leermomenten mee brengt. Een proces dat nog een vervolg kent met een onzekere definitieve afloop. De tijd zal het leren.
 
Tot zover in eerste termijn.
 
Woordvoerder: Jan Bekke